Posts

Posts uit mei, 2012 weergeven

Mogelijkheden bij medullair schildklierkanker

Per jaar wordt de diagnose schildklierkanker gesteld bij ongeveer 350 patiënten. Bij 20% van die patiënten gaat het om medullair schildkliercarcinoom, afgekort MSC.

CalcitonineIn de schildklier maken de meeste cellen schildklierhormoon. Daarnaast zijn er cellen die calcitonine maken. Deze cellen noem je C-cellen. Calcitonine is een hormoon en regelt het kalkgehalte in het bloed. Medullair schildklierkanker ontstaat in de C-cellen. Van dit type kanker bestaan erfelijke vormen, namelijk het MEN 2-syndroom en het familiaire type medullaire schildklierkanker. Uit onderzoek blijkt dat een afwijking in de regeling van de celgroei in de C-cellen verantwoordelijk is voor het ontstaan van deze familiaire vorm van schildklierkanker. Het gaat om de werking van een receptor.

ReceptorEen receptor is een soort sleutelgat op de cel. Op dat sleutelgat past een sleutel. Hier is die sleutel een groeifactor, denk aan een suikerklontje. Aan de binnenkant van dit sleutelgat zit een enzym. Dat enzym maakt v…

Verminderde schildklierfunctie eerder vast te stellen

Ruim twee procent van de Nederlanders is bekend met een schildklieraandoening en wordt hiervoor ook behandeld. Daarnaast blijkt ongeveer één procent van de Nederlanders een verlaagde schildklierfunctie te hebben zonder dit te weten. Dit laatste aantal is veel groter dan tot nu toe werd aangenomen. Dit blijkt uit gegevens van het grote LifeLines-onderzoek, waarin het Universitair Medisch Centrum Groningen de gezondheid van in totaal 165.000 inwoners van Noord-Nederland volgt.

Verminderde schildklierfunctie eerder vast te stellen
UMCG
De mensen die niet weten dat ze een verlaagde schildklierfunctie hebben, ervaren tot nu toe nog weinig tot geen klachten, dit ondanks hun schildklierprobleem. De verwachting is dat op het moment dat zij de eerste klachten ervaren en hiervoor naar hun huisarts gaan, hun gezondheid al verder achteruit is gegaan. Doordat zij nu eerder opgespoord zijn kunnen ernstiger klachten worden voorkomen. De uitkomsten van dit onderzoek van de UMCG-endocrinologen komen r…

Schildklierkanker en nucleaire geneeskunde

Schildklierkanker komt weinig voor en de sterfte eraan is laag. Het komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen, net als bij andere schildklieraandoeningen. Schildklierkanker kan op alle leeftijden ontstaan. Meestal tussen het 30e en 60e levensjaar.

Bij de behandeling van schildklierkanker krijg je vaak te maken met nucleaire geneeskunde. Hieronder kun je lezen over de behandelingen en onderzoeken.

Nabehandeling met radioactief jodium Nadat de schildklier operatief verwijderd is, vindt er na ongeveer vier weken een behandeling plaats met radioactief jodium. Dit is jodium 131. Eerst wordt met een scan gemeten hoe groot de schildklierrest is in het lichaam. Daarna wordt die rest door radioactief jodium vernietigd. Die behandeling wordt ook wel ablatie (= vernietiging) genoemd. Na de operatie tot aan deze ablatie mag de patiënt geen schildklierhormoon slikken. Voor een optimale opname van het radioactief jodium in de nog aanwezige schildkliercellen is het van belang dat de patiënt ‘diep hy…

Hyperthyreoïdie en operatie

Complicaties van een operatie treden geregeld op en omvatten met name bijschildklierfalen door het wegnemen van de kleine dicht bij de schildklier gelegen bijschildklieren (er zijn er meestal 4) en heesheid. De heesheid wordt veroorzaakt door verlamming van een stemband, wat weer het gevolg is van een beschadigde zenuw, die ook vlak naast de schildklier loopt. Daarnaast kan uiteraard te veel (of te weinig) schildklierweefsel weggehaald zijn en kunnen er lokale beschadigingen optreden.

AanbevelingChirurgie voor hyperthyreoїdie dient te worden uitgevoerd door chirurgen met een specifieke belangstelling en ervaring in schildklierchirurgie. Gezien de lage frequentie van thyreoïdectomie voor hyperthyreoїdie wordt verwijzing aanbevolen naar een centrum waar minimaal 20 schildklieroperaties per jaar verricht worden en dat ook anderszins voldoet aan de eisen zoals geformuleerd door de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (rapport Normering Chirurgische Behandelingen).

Indicatie voor chirurgisc…

Aanbevelingen therapie thyreotoxicose

Afbeelding
In de Richtlijn Schildklierfunctiestoornissen uit 2012 van de Nederlandse Internisten Vereniging worden de volgende aanbevelingen gegeven voor de behandeling van thyreotoxicose. In het dagelijks gebruik wordt thyreotoxicose ook wel hyperthyreoïdie genoemd. Deze richtlijn is de revisie van de richtlijn uit 2007.

Opmerking: dit is een richtlijn door en voor artsen. Een richtlijn gaat niet over patiëntenperspectief, wat is voor jou het prettigst.
AanbevelingenAlvorens te kiezen voor een vorm van behandeling is het bij iedere patiënt met thyreotoxicose noodzakelijk om de oorzaak vast te stellen. Hierbij is een schildklierscintigrafie van grote waarde.

Ziekte van GravesVoor de behandeling van patiënten met Graves’ hyperthyreoïdie zijn drie therapeutische opties beschikbaar: medicamenteuze behandeling met thyreostatica (schildklierremmers), behandeling met radioactief jodium en chirurgische therapie. Voor welke van deze drie opties wordt gekozen, dient in overleg met de patiënt te worden bepaa…

Hyperthyreoïdie en radioactief jodium

Hyperthyreoïdie - als je schildklier te veel hormoon maakt - kan behandeld worden met:
schildklierremmers (met of zonder levothyroxine)radioactief jodiumeen operatie
Samen met de arts en afhankelijk van de oorzaak van de hyperthyreoïdie kiest de patiënt voor een behandeling. Van belang is goede uitleg over voor- en nadelen van de drie behandelingen. Denk hierbij aan grote kans op terugkomst van hyperthyreoïdie bij schildklierremmers, grote kans op hypothyreoïdie bij radioactief jodium en operatie, en risico’s bij een operatie.

Ziekte van GravesVoor veel patiënten met de ziekte van Graves is een behandeling met schildklierremmers een goede keus. Bij patiënten met een groot struma wordt, nadat de schildklier rustig is geworden, gekozen voor een behandeling met radioactief jodium. Is er geen of een gering struma, dan kan gekozen worden voor het doorzetten van de behandeling met schildklierremmers gedurende 1 à 1½ jaar. Bij veel patiënten komt de hyperthyreoïdie terug na de behandeling met …

Vraag en antwoord: bloedonderzoek TSH, T4 en T3

Afbeelding
Analyse van het bloed in het laboratorium speelt een belangrijke rol bij het onderzoeken van schildklierklachten. Om de functie of de activiteit van de schildklier te bepalen, wordt het meeste gebruik gemaakt van meting van het TSH en het FT4 (= vrije gehalte aan T4).

Hoe komt men aan de waarden T4, T3 en TSH?De schildklier maakt de hormonen T4 (thyroxine) en T3 (trijoodthyronine). TSH is een hormoon uit de hypofyse (hersenaanhangsel). TSH stimuleert de schildklier om hormoon te maken.

Met bloedonderzoek bepaalt men de waarden van TSH, FT4 en T3. De waarden van deze hormoonspiegels zijn niet constant, maar schommelen tussen bepaalde grenswaarden, het zogenaamde ‘normale gebied’. De TSH gebruikt tot maximaal 50% van de totale referentiewaarde, en de FT4 (vrij T4) ongeveer 25% (Andersen 2002). Deze grenswaarden zijn bepaald op grond van bevolkingsonderzoek en zijn op zo’n manier gekozen dat 95% van de gezonde mensen binnen deze grens valt. Deze TSH-curve geeft een duidelijk beeld.

Vanw…