maandag 28 september 2015

Thyreotoxicose veroorzaakt door kruidenmiddelen

Het gebruik van kruidenpreparaten en voedingssupplementen neemt al jaren wereldwijd toe. De controle is over het algemeen slecht geregeld. Veel van die ‘zelfzorgmedicijnen’ worden over-the-counter verkocht, wat betekent bij de drogist, de supermarkt of via internet zonder recept. Het Geneesmiddelenbulletin besteedde er in 2005 al aandacht aan in onderstaand artikel.

zaterdag 26 september 2015

Uit het collegedictaat van een student geneeskunde in 1941

Hoe werden mensen vroeger behandeld als hun schildklier te weinig hormoon maakte? Uit vroeger jaren bestaan nauwelijks of geen meetgegevens. Een huisarts behandelde iemand met hypothyreoïdie zelf. Hij voelde de pols. Hij veegde langs de huid om te voelen of die droog, klam of gewoon was. Dat noem je het basaal metabolisme. Precieze testen met TSH en FT4 bestonden nog niet.

De aantekeningen van een student geneeskunde in 1942 geven een idee.

Hypothyreoïdie: Cret. en myxoedema
adultorum het hele verdere leven thyreoïd.
Volw: 100-500 mg.pulv.gl.thyr.dd.
onder controle van hart, alg. toest. en bas.metab.
Kinderen: beginnen met 3 x 5 mg.dd. en dan opklimmen
b.v.R/Pulv.gland.thyr. ovi "organon" 25 mgr.
ad pulv. ata no. xxx
S 3 dd. pulv. 1.


maandag 21 september 2015

Aantal gebruikers levothyroxine op de 27e plaats in de top 100

GIP-databank

Op de GIP-databank kun je terecht voor het aantal gebruikers van levothyroxine. Ga als volgt aan de slag:
  1. Klik op www.gipdatabank.nl/databank.
  2. Vul H03AA in bij het zoekveld en klik op zoek.
  3. Gebruik de velden ‘selecteer overzicht’ en ‘selecteer eenheid’ voor gegevens als aantallen gebruikers, dagelijkse dosis, kosten en aantallen recepten.
  4. Levothyroxine staat in 2014 op de 27e plaats in de top 100.

Levothyroxine wordt gebruikt bij alle vormen van hypothyreoïdie

  • bij de ziekte van Hashimoto
  • bij de behandeling van de ziekte van Graves met schildklierremmers en levothyroxine
  • na de behandeling met radioactief jodium bij hyperthyreoïdie
  • na een operatie bij hyperthyreoïdie of struma en altijd bij schildklierkanker


zondag 13 september 2015

Schildklier anders afgesteld bij mensen uit langlevende families

Bij mensen die aanleg hebben om lang te leven, is de schildklier anders afgesteld dan bij ‘gewone’ mensen. Hun stofwisseling verloopt echter niet langzamer of sneller. Dat ontdekten onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).

Leiden Lang Leven-studie
Schildkliertje

Human longevity is characterised by high thyroid stimulating hormone secretion without altered energy metabolism
Steffy Jansen, Abi Akintola en anderen

Familial longevity is associated with higher TSH secretion and strong TSH-fT3 Relationship
Steffy Jansen, Abi Akintola en anderen

Al langer wordt vermoed dat de schildklier een rol speelt bij hoe snel iemand veroudert. De schildklier scheidt hormonen uit die onder andere invloed hebben op het energieverbruik. Bij een te snel werkende schildklier barsten mensen van de energie en verbranden veel. Bij een trage schildklier voelen mensen zich juist moe en komen ze aan in gewicht. “De gedachte was: als het kacheltje minder hard brandt, dan ga je langer mee”, vat onderzoeker dr. Diana van Heemst (LUMC) de heersende theorie samen in het nieuwsbericht. “We verwachtten dus een trager werkende schildklier bij mensen uit langlevende families."

Bloedspiegels

Om die gedachte te toetsen, hebben promovendi Steffy Jansen en Abi Akintola in het kader van het EU project Switchbox bij 38 deelnemers (nakomelingen uit langlevende families, met hun partners als controlegroep) gedurende 24 uur elke 10 minuten bloed afgenomen. In dit bloed zijn schildklierhormoon, schildklierstimulerend hormoon en enkele andere hormoonspiegels gemeten. Om te bepalen hoeveel energie de studiedeelnemers verbruikten, slikten ze pillen met een temperatuursensor en werd het zuurstofverbruik gemeten.

Meer TSH

De hoeveelheid schildklierstimulerend hormoon (TSH) bleek opvallend veel hoger bij de deelnemers uit langlevende families: meer dan anderhalf keer zo hoog. Maar de hoeveelheid schildklierhormonen – die aangeeft hoe snel de schildklier werkt - en het energieverbruik verschilden niet tussen de twee groepen. Ook het dag-nachtritme in de hormoonspiegels bleek gelijk. Een verrassende bevinding, stelt Van Heemst. “Het energiemetabolisme lijkt niet te verschillen tussen de twee groepen. De vraag is nu: hoe draagt meer TSH dán bij aan je kans om heel oud te worden? Betekent dit dat de schildklier bij mensen met aanleg om oud te worden minder sterk reageert op TSH, en zo ja: waarom zou dat gunstig zijn? Zijn er misschien effecten van TSH elders in het lichaam die bijdragen aan langlevendheid?” Vervolgonderzoek moet dit gaan uitwijzen.

Leiden Lang Leven-studie

Genen, leefstijl, omgevingsfactoren en toeval bepalen gezamenlijk hoe lang iemand leeft. De Leiden Lang Leven-studie volgt mensen uit families waarin mensen ouder worden dan gemiddeld. Het gaat om families waarin nog minstens twee langlevende broers en/of zussen in leven zijn (mannen minimaal 89 jaar, vrouwen minimaal 91 jaar). De kinderen van zulke langlevenden worden vergeleken met hun partners, die dienst doen als ‘gewone’ controlegroep.


donderdag 10 september 2015

Schildklier anders afgesteld bij mensen uit langlevende families

Bij mensen die aanleg hebben om lang te leven, is de schildklier anders afgesteld dan bij ‘gewone’ mensen. Hun stofwisseling verloopt echter niet langzamer of sneller. Dat ontdekten onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).

Al langer wordt vermoed dat de schildklier een rol speelt bij hoe snel iemand veroudert. De schildklier scheidt hormonen uit die onder andere invloed hebben op het energieverbruik. Bij een te snel werkende schildklier barsten mensen van de energie en verbranden veel. Bij een trage schildklier voelen mensen zich juist moe en komen ze aan in gewicht. “De gedachte was: als het kacheltje minder hard brandt, dan ga je langer mee”, vat onderzoeker dr. Diana van Heemst (LUMC) de heersende theorie samen. “We verwachtten dus een trager werkende schildklier bij mensen uit langlevende families.”

Bloedspiegels

Om die gedachte te toetsen, hebben promovendi Steffy Jansen en Abi Akintola in het kader van het EU project Switchbox bij 38 deelnemers (nakomelingen uit langlevende families, met hun partners als controlegroep) gedurende 24 uur elke 10 minuten bloed afgenomen. In dit bloed zijn schildklierhormoon, schildklierstimulerend hormoon en enkele andere hormoonspiegels gemeten. Om te bepalen hoeveel energie de studiedeelnemers verbruikten, slikten ze pillen met een temperatuursensor en werd het zuurstofverbruik gemeten.

Meer TSH

De hoeveelheid schildklierstimulerend hormoon (TSH) bleek opvallend veel hoger bij de deelnemers uit langlevende families: meer dan anderhalf keer zo hoog. Maar de hoeveelheid schildklierhormonen – die aangeeft hoe snel de schildklier werkt - en het energieverbruik verschilden niet tussen de twee groepen. Ook het dag-nachtritme in de hormoonspiegels bleek gelijk. Een verrassende bevinding, stelt Van Heemst. “Het energiemetabolisme lijkt niet te verschillen tussen de twee groepen. De vraag is nu: hoe draagt meer TSH dán bij aan je kans om heel oud te worden? Betekent dit dat de schildklier bij mensen met aanleg om oud te worden minder sterk reageert op TSH, en zo ja: waarom zou dat gunstig zijn? Zijn er misschien effecten van TSH elders in het lichaam die bijdragen aan langlevendheid?” Vervolgonderzoek moet dit gaan uitwijzen.

Leiden Lang Leven-studie

Genen, leefstijl, omgevingsfactoren en toeval bepalen gezamenlijk hoe lang iemand leeft. De Leiden Lang Leven-studie volgt mensen uit families waarin mensen ouder worden dan gemiddeld. Het gaat om families waarin nog minstens twee langlevende broers en/of zussen in leven zijn (mannen minimaal 89 jaar, vrouwen minimaal 91 jaar). De kinderen van zulke langlevenden worden vergeleken met hun partners, die dienst doen als ‘gewone’ controlegroep.

maandag 7 september 2015

Als de schildklier te veel hormoon maakt: bronnen en cijfers

Hoeveel mensen in Nederland zouden hyperthyreoïdie hebben? En hoeveel mensen slikken schildklier remmende medicijnen?

Over het aantal mensen met hyperthyreoïdie schrijft de NHG-Standaard Schildklierfunctiestoornissen: ‘In de huisartsenpraktijk varieert de incidentie van hyperthyreoïdie tussen de 30 en 50 per 100.000 patiënten per jaar. Deze gegevens komen uit de Continue Morbiditeits Registratie (CMR) te Nijmegen [Donker 2012] over het jaar 2011 en uit de Tweede Nationale Studie over de jaren 2000 tot 2002 [Van der Linden 2004]. In de CMR was de prevalentie van hyperthyreoïdie 8 per 1000 patiënten.’

Bronnen

De NHG liet weten na vragen over de referenties:

Cijfers

Vervolgens eens kijken in de GIP-databank, zoals ik ook gedaan heb bij het aantal gebruikers van schildklierhormoon. Met de GIP-databank kun je van alles vinden over geneesmiddelen. Daar kun je dus ook terecht voor het aantal gebruikers van schildklier remmende medicijnen. Mogelijk geven die cijfers een duidelijker beeld van het aantal mensen met hyperthyreoïdie.

Ga als volgt aan de slag:
  1. Klik op www.gipdatabank.nl/databank.
  2. Vul code H03B in, dan vind je thyreostatica ofwel de schildklier remmende medicijnen.
  3. Gebruik de velden ‘selecteer overzicht’ en ‘selecteer eenheid’ voor gegevens als aantallen gebruikers, dagelijkse dosis, kosten en aantallen recepten.
  4. In 2014 gebruikten 2210 mensen PTU en 21.433 mensen gebruikten strumazol en carbimazol. Dat zijn in totaal: 23.643 gebruikers van schildklier remmende medicijnen.


In 2014 gebruikten in Nederland in totaal hooguit 476.223 mensen schildkliermedicijnen (452.580 schildklierhormoon en 23.643 schildklierremmers). Bij de behandeling van de ziekte van Graves slikken mensen vaak schildklierhormoon en schildklierremmers.

Geen wetenschappelijke onderbouwing

De American Thyroid Association (ATA) schrijft op hun website dat meer dan 12 procent van de Amerikaanse bevolking een schildklieraandoening tijdens hun leven zal ontwikkelen. 60 procent van de mensen met een ziekte van de schildklier zou zich niet bewust zijn van hun aandoening.

Schildklierorganisatie Nederland (SON) noemt in deze folder een aantal van 800.000 schildklierpatiënten. Het zou gaan om ruim 541.400 mensen met een diagnose. En er zouden nog 300.000 mensen met vage klachten zijn zonder (h)erkenning als schildklierpatiënt. Elders wordt op de website van SON een aantal van 1 miljoen genoemd.

Het verschil tussen cijfers uit bronnen en databanken versus vermoedens en suggesties is wel heel groot. Enige terughoudendheid is wel gewenst.




vrijdag 4 september 2015

In gesprek met Mary Sjabbens over Schildkliertje

‘Ik verzamelde en schreef van alles over de schildklier als eindredacteur van het magazine en beheerder van de website. Op een moment kwam voor mij de keus om ook op schildkliergebied ‘voor mezelf’ te beginnen.

Let op!

Raadpleeg altijd een arts als je twijfelt over je gezondheid. De informatie op dit blog kan niet worden beschouwd als vervanging van een consult of een behandeling.