dinsdag 31 januari 2012

Scintigrafie

Scintigrafie is een onderzoek waarmee, na injectie van een kleine hoeveelheid radioactief gemerkt jodium of technetium, de schildklier kan worden afgebeeld. Dat is vergelijkbaar met het inspuiten van contrastvloeistof om aandoeningen aan zachte weefsels in het lichaam zichtbaar te maken.

Met een scintigrafie kunnen zichtbaar geworden:
  • de ziekte van Graves
  • knobbels die te veel of te weinig schildklierhormoon maken en dus ook jodium of technetium abnormaal concentreren
  • koude of warme knobbels. Ook een meer knobbelig struma
  • een multi-nodulair struma



maandag 30 januari 2012

Patiënten denken dat de dokter het wel weet

Patiënten denken vaak dat de dokter het wel weet. Zorgverleners moeten patiënten veel meer betrekken bij beslissingen over hun behandeling. Dat vindt hoogleraar Medische Besliskunde Anne Stiggelbout van het Leids Universitair Medisch Centrum. ‘Je kunt er als patiënt niet vanuit gaan dat de dokter altijd weet wat het beste voor je is.’

Patiënten denken dat de dokter het wel weet
Interview

‘Willen patiënten kunnen meebeslissen over hun behandeling, dan is goede “evidence based” informatie een vereiste. Dit is informatie verkregen door wetenschappelijk onderzoek. Eerst denken patiënten: laat de dokter maar beslissen. Maar als ze goede informatie krijgen, bijvoorbeeld over de kwaliteit van leven na een bepaalde behandeling, dan zien ze in dat ze wel degelijk iets te kiezen hebben.’

Het interview door Liza Leijenhorst met Anne Stiggelbout stond in 2011 in Vooruitgang, het blad van de Stomavereniging.



Intrinsic imperfections of endocrine replacement therapy

In 2003 verscheen het artikel Intrinsic imperfections of endocrine replacement therapy van J.A. Romijn, J.W.A Smit en S.W.J. Lamberts. Voor veel mensen betekende het artikel een erkenning voor hun ervaringen met een hormoontherapie met z’n tekortkomingen. Ook zorgde het artikel voor begrip.

Intrinsic imperfections of endocrine replacement therapy [pdf]
JA Romijn, JWA Smit and SWJ Lamberts

Overvloed en onbehagen - Uitdagingen voor de moderne endocrinologie
JWA Smit

Hormonal substitution therapy has been extremely successful, with respect to morbidity and mortality, in the treatment of the major syndromes of endocrine insufficiency. However, many patients treated for endocrine insufficiencies still suffer from more or less vague complaints and a decreased quality of life.

It is likely that these complaints are, at least in part, caused by intrinsic imperfections of hormone replacement strategies in mimicking normal hormone secretion. Unfortunately, these complaints are often difficult to assess by clinicometric or biochemical tests, because the effects of hormones in general, and thus of hormone replacement strategies in particular, are difficult to quantify at the tissue level. Therefore, in clinical practice we rely mostly on plasma variables – ‘plasma endocrinology’ – which are a poor reflection of hormone action at the tissue level.

Appreciation of these intrinsic shortcomings of endocrine therapy is of utmost importance to prevent incorrect labelling of the complaints of many endocrine patients and to achieve further improvement in endocrine replacement strategies.

Thyroxine

The thyroid secretes tri-iodothyronine (T3) (~ 20%) in addition to thyroxine (T4) (~ 80%). In the absence of thyroid function, exogenous thyroxine is not able to normalise the concentrations of T4 and T3 in all tissues in rodents, even in the presence of normal TSH concentrations. Despite this knowledge, currently available preparations of T3 have unfavourable pharmacological profiles and adequate markers of biological effect are lacking. Additional evidence is required before combination therapy can be advised.

Tri-iodothyronine

There are no slow-release preparations of T3, which would provide stable plasma concentrations in view of the half-life of T3 (~ 1 day). The optimal dose is uncertain. The relationship between plasma concentrations of T3 and tissue-specific concentrations of T3 in humans is unknown during T3 therapy in hypothyroidism.

Oogziekte van Graves

De oogziekte van Graves is een ingrijpende aandoening. Heb jij daar mee te maken? Of misschien iemand in jouw omgeving?

Kijk hier eens voor informatie:


© Iris Wiezer

donderdag 26 januari 2012

Slik jij genoeg schildklierhormoon?

Wanneer je schildklier te weinig of geen schildklierhormoon maakt, slik je schildklierhormoon. De volledige dosis schildklierhormoon varieert bij volwassenen van circa 100 tot 200 microgram per dag. Veel hoger of lager komt ook voor. Belangrijkst is hoe iemand zich voelt en hoe de TSH- en fT4-waarde zijn.

Clinical Thyroidology for Patients

Belangrijk is dat schildklierpatiënten leren wat de schildklier doet en wat een schildklieraandoening betekent. Het maakt je weerbaar en je wordt een gelijkwaardige gesprekspartner van je arts. In het Engels noem je dat: empowerment.

De website van de American Thyroid Association is een voorbeeld van dergelijke empowerment. Alles draait om educatie van patiënten. Er is informatie in drie lagen: FAQ-sheets, brochures en wetenschappelijk onderzoek vertaald naar een meer publieksgericht niveau met Clinical Thyroidology for Patients, een online-magazine van de American Thyroid Association. Het magazine bevat samenvattingen van onderzoeksrapporten die besproken zijn in een actuele uitgave van Clinical Thyroidology, het ATA-magazine voor artsen.

Lees op de website van de ATA




woensdag 25 januari 2012

Behandeling van schildklier is uitdaging voor moderne endocrinologie

In zijn oratie Overvloed en onbehagen - Uitdagingen voor de moderne endocrinologie vertelt professor J.W.A. Smit over de tekortkomingen in de huidige behandelingen van schildklieraandoeningen.

Hormonen zichtbaar maken

Onderzoekers en artsen weten nog lang niet genoeg over de werking van hormonen. Met meer kennis zou de behandeling van hormonale ziektes vaak anders en beter kunnen. Klinisch endocrinoloog Jan Smit doet onderzoek naar hormonen en zet zich in voor betere behandelmethodes. Vrijdag 25 januari 2008 hield hij zijn oratie over de uitdagingen voor de moderne endocrinologie.

Communicatiewetenschappers

‘Hormonen zijn betrokken bij vrijwel alles wat het lichaam doet om in leven te blijven’, zegt Smit. ‘Ze regelen het interne programma van je lichaam, bijvoorbeeld je lengte, je vruchtbaarheid en je stofwisseling. Hormonen zorgen ook voor de communicatie tussen het lichaam en de buitenwereld. Hormonen – die worden gemaakt in hormoonklieren - zijn de boodschappers van het lichaam. Daarom noemen we onszelf ook wel eens gekscherend communicatiewetenschappers.’

Smit was hoogleraar bij de vakgroep Endocrinologie en stofwisselingsziekten van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en is nu (2012) hoogleraar bij het St. Radboud MC in Nijmegen.

Werking hormonen slecht bekend

Hoewel de endocrinologie zeer succesvol is, is de behandeling van patiënten met hormoonziekten niet optimaal. Smit: ‘We weten onvoldoende van de werking van hormonen: die is grotendeels onzichtbaar. We meten nu bij patiënten hormoonspiegels in het bloed, maar bloedwaarden zeggen weinig over de werking van hormonen in het weefsel zelf. Die werking kunnen we niet zichtbaar maken. En daar gaat het om. Ik wil daarom de manier waarop we nu tegen hormonale ziekten aankijken analyseren en nieuwe methodes bedenken om het in de toekomst anders en beter te kunnen doen.’

Betere behandelmethodes nodig

Volgens Smit valt ook de kwaliteit van de huidige behandelmethodes nog te verbeteren. ‘De behandeling van zieke hormoonklieren bestaat nu vaak uit het uitschakelen van die klier. De ontbrekende hormonen vullen we aan. Dat is grofweg hetzelfde als een gebroken been amputeren en vervolgens zeggen dat de patiënt genezen is. Dit moet anders en beter. Je zou moeten proberen de oorzaak van het probleem aan te pakken. Een punt hierbij is dat de huidige, tekortschietende praktijk spotgoedkoop is: een jaar schildklierhormonen slikken kost 36 euro. Dat belemmert de ontwikkeling van nieuwe, en waarschijnlijk veel duurdere therapieën.’

Lees ook
Intrinsic imperfections of endocrine replacement therapy

‘De situatie is omgekeerd bij suikerziekte die door overgewicht ontstaat, een steeds vaker voorkomende welvaartsziekte. Het is heel normaal om bij suikerziekte dure medicijnen voor te schrijven, maar het zou veel beter zijn om met een behandeling de levensstijl van deze patiënten te verbeteren.’

Oplossingen zoeken

Smit wil deze vraagstukken helpen oplossen: ‘We proberen hormonen, hormoonwerking en hormoonziektes zichtbaar te maken, letterlijk, met geavanceerde beeldvorming.’

Smit probeert zogenaamde biomarkers te identificeren, stoffen in het bloed die overeenkomen met wat hormonen in de weefsels doen. Met biomarkers hoopt hij ook beter vaatschade bij suikerzieke patiënten te kunnen ontdekken. ‘Maar naast onderzoekers zijn we ook dokter’, zegt Smit. ‘Dat vind ik erg belangrijk. Je moet ook met je voeten in de klei staan.’

Betere voorlichting en opleiding

Smit vindt eerlijke voorlichting aan patiënten van cruciaal belang. ‘Door alle medische programma’s op tv heeft de maatschappij soms het idee dat de medische wetenschap alles kan. Dat is niet zo, er is zoveel dat we niet weten. Je moet die beperkingen ook duidelijk maken. Zo voorkom je ook irreële verwachtingen bij patiënten. Daarnaast is het belangrijk om medisch studenten in te wijden in de nieuwe ontwikkelingen van de endocrinologie zodat zij later, als arts en wetenschapper, de behandelingen kunnen ontwikkelen die wij nu bedenken.

Tussen wal en schip

In het LUMC ziet Smit relatief veel patiënten met kanker in hormoonklieren. Toch is het een soort kanker die veel minder vaak voorkomt dan bijvoorbeeld long- of borstkanker. ‘Mensen met deze zeldzame kanker vallen vaak tussen wal en schip. Omdat hun ziekte zo weinig voorkomt, wordt er nauwelijks geïnvesteerd in adequate behandelingsmethoden. Dat zie ik daarom als een van mijn grote uitdagingen.’

(22 januari 2007/Jacco van Weele)

Screening functie schildklier bij overgang

Als je het vraagt aan vrouwen (en mannen) met schildkliergedoe, dan zullen velen het beamen. Jarenlang liepen ze met klachten voordat er een diagnose werd gesteld. Dit zou verleden tijd kunnen zijn als vrouwen preventief getest zouden kunnen worden op TSH. Of het er ooit van komt, een dergelijke screening? De kans is klein.

dinsdag 24 januari 2012

Diagnose schildklier bekend, maar wat dan?

Wanneer net de diagnose is gesteld 'er is iets met je schildklier', dan komt er veel over je heen. Je krijgt te maken met onderzoeken en het jargon is een soort abracadabra. Dat jargon is wel de taal van je arts en bijvoorbeeld de doktersassistent. Kennis van die taal helpt jou op weg.

vrijdag 20 januari 2012

Interpretation of thyroid function tests / Interpretatie van schildklier functietesten

Bij de diagnose en behandeling van schildklieraandoeningen speelt het bloedonderzoek een grote rol. Belangrijk daarbij is de interpretatie van het onderzoek. Is de TSH-waarde goed? Klopt die waarde met de vrij T4- en T3-waarde? Wijken je waarden af van het normale patroon, dan vind je in het artikel (Engels of Nederlands) mogelijk een aanwijzing.

Met je schildklier naar de psychiater ...

Depressie en schildklierziekten liggen dichter bij elkaar dan artsen en psychiaters denken. Tijd voor een andere kijk op patiënten. Dit artikel is geschreven door Malou van Hintum en verscheen in de Volkskrant van 7 maart 2009 in de zaterdagbijlage ‘Kennis’.

donderdag 19 januari 2012

Een simpele TSH-test ...

In de afbeelding kun je de curve zien van de TSH-waarden die gemeten zijn bij een groep gezonde mensen zonder TPO-antistoffen. TSH is de afkorting van thyroid stimulating hormone. In het Nederlands: schildklier stimulerend hormoon. Bij de diagnose en behandeling van schildklieraandoeningen draait het vooral om deze TSH-waarde.

Halfwaardetijd en schildklierhormoon

Farmacokinetiek houdt zich bezig met wat een geneesmiddel doet in het lichaam. Deze pagina uit de Hulpgids.nl legt er meer over uit.

Over klaring en kinetiek ...

In de geneeskunde en de farmacologie is klaring (kinetiek) de snelheid waarmee een stof door het lichaam uit het bloed wordt verwijderd. Die stof kan een lichaamseigen stof zijn, maar het kan ook een geneesmiddel zijn.

woensdag 18 januari 2012

Praktische tips voor het slikken van levothyroxine

De Amerikaanse Thyroid Association (ATA) heeft een handig boekje over hypothyreoïdie uitgegeven. Bij hypothyreoïdie maakt de schildklier te weinig of geen schildklierhormoon.

In dat boekje staan praktische tips over het gebruik van T4-hormoon (levothyroxine, Thyrax, Euthyrox, Eltroxin). Ook geeft de ATA in het boekje raad als je een dosis vergeet of bijvoorbeeld ziek of zwanger bent.

Schildklier en psychische klachten

Schildklierhormoon oefent op vrijwel alle organen invloed uit. Het is van groot belang voor de regeling van de groei, de stofwisseling, en de ontwikkeling en werking van het centraal zenuwstelsel.

Te veel en te weinig schildklierhormoon hebben invloed op aandacht, concentratie (denkvermogen), agressiviteit, angst en seksualiteit.

dinsdag 17 januari 2012

T3 of geen T3 bij de behandeling van hypothyreoidie

Als je meer wilt weten over wel/geen L-T3 (liothyronine / cytomel) naast L-T4 (thyrax of euthyrox) is het artikel ‘T3 of geen T3 bij de behandeling van hypothyreoidie’ (1) een aanrader. Het artikel verscheen in 2011 in het Graves Bulletin. Prof. Wiersinga verwijst in het artikel naar drie bronnen (2, 3, 4).

Geschiedenis schildkliermedicatie

Tot 1890 worden af en toe stukjes schapenschildklier getransplanteerd in mensen van wie de eigen schildklier niets meer doet. Ze voelen zich direct beter. Het middel is echter geen langdurig bestaan beschoren. In 1891 behandelt George R. Murray met schapenschildklier. De warme schapenschildklieren worden uitgeperst, waarna de vloeistof gemengd wordt met gelijke hoeveelheden gedestilleerd water. Dit mengsel wordt geïnjecteerd in mensen die geen schildklierwerking meer hebben, 10 druppels per spuit, iedere 3 weken. Het werkt wel, maar deze injecties bevallen ook niet zo goed.

Levothyroxine heeft kleine therapeutische breedte

De therapeutische breedte (ook: therapeutische index of therapeutische ratio) van een geneesmiddel is het verschil tussen een net effectieve dosering en een net niet toxische dosering.

Let op!

Raadpleeg altijd een arts als je twijfelt over je gezondheid. De informatie op dit blog kan niet worden beschouwd als vervanging van een consult of een behandeling.